Twee matekes, twee gewichten

Iedereen heeft het gelezen in de krant: Conner Rousseau blijft waarschijnlijk in het Vlaams Parlement zetelen, ook als sp.a-voorzitter. Zijn fractie heeft hem unaniem gevraagd op post te blijven. Sterker nog: “Conner verdient een uitzondering als voorzitter”, aldus Maxim Veys, Vlaams Parlementslid voor onze partij (onze nadruk).

Iedereen is gelijk in het socialisme, maar sommigen zijn meer gelijk dan anderen. Je kan er donder op zeggen dat men van deze uitzondering iets permanent wil maken, en dan zal de decumul snel worden afgeschaft.

De partij is weer wat geloofwaardigheid kwijt: als we de commentaren uit onze omgeving mogen geloven is de reputatieschade enorm.  Als argument wordt verder aangehaald dat hij bekendheid en ervaring moet kweken. Moest hij dat niet doen vóór hij voorzitter werd?

Wij verzetten ons als sp.a rood tegen deze uitzondering op het cumulverbod. Over het cumulverbod werd in 2016 al een duidelijk signaal gegeven: dit werd statutair en quasi unaniem door de leden vastgelegd op een partijcongres, de hoogste partij-instantie.

 

Administratief congres en statuten

Deze mogelijke cumul verhit de gemoederen in de partij, en daardoor heeft het partijbureau op 18 november beslist dat het laatste woord hierover valt op het administratief congres op 14 december. Volgens het persbericht van de partij krijgen de leden het laatste woord, maar op een administratief congres is er enkel stemrecht voor afgevaardigden van de afdelingen.

Er is geen enkele controle op de stemmen van die afgevaardigden: hun hele afdeling kan tegen zijn – als er al een discussie geweest is – maar de afgevaardigde kan alsnog voor stemmen. De stemming is immers geheim: een uitstekend principe voor een systeem waarbij iedereen rechtstreeks stemt, maar geen fantastisch systeem waarbij afgevaardigden stemmen moeten uitbrengen namens hun afdeling. De afgevaardigden zelf zijn op voorhand gekend en kunnen dus beïnvloed zijn geweest, niemand zal het achteraf kunnen controleren. Bovendien staat er geen debat op de agenda, enkel een stemming. Het lijkt alsof de partij bang is voor haar eigen leden. Intern is geen enkele communicatie over deze hetze, gewone leden dienen alles via de pers te vernemen.

De partijtop argumenteert dat de stemming geheim moet zijn omdat het over een persoon gaat terwijl het duidelijk over een aanpassing van de statuten gaat. Wij kunnen ons onmogelijk van de indruk ontdoen dat men probeert om een compromitterende kwestie zonder debat door te drukken. Vele leden vragen expliciet een open en transparant debat over de kwestie, maar de partijtop kiest ervoor om dit naast zich neer te leggen.

Wanneer een statutenwijziging wordt voorgesteld als een uitzondering die anoniem gestemd moet worden, meerdere individuele personen opgebeld en schaamteloos onder druk gezet worden, wanneer andere individuele personen niet durven zeggen wat ze werkelijk denken omdat hen impliciet te kennen gegeven wordt dat ze in de toekomst steun zouden kunnen verliezen of dat dit hun kans op een (verkiesbare) plaats kan hypothekeren, bevinden we ons op zéér glad ijs.  Waar gaan we naartoe als leden gedesinformeerd, misleid en geïntimideerd worden om een artikel in de statuten te omzeilen?

Cassant is dat een administratief congres niet de bevoegdheid heeft om de statuten aan te passen. Dit kan enkel na consultatie van de gewone leden, en in vele afdelingen zijn hier geen ledenvergaderingen over geweest. Artikel 33 van de statuten stelt duidelijk dat de positie van voorzitter onverenigbaar is. Artikel 62 stelt dat de statuten slechts door een partijcongres kunnen worden herzien mits de vraag daartoe juist op de agenda is geplaatst, dus niet als een uitzondering op de regels. Een wijziging van de statuten kan enkel bij 2/3e meerderheid, maar deze uitzondering zal men laten passeren bij 50%+1.

Dit zijn procedurebezwaren die eigenlijk het voorwerp van een tuchtonderzoek moeten zijn, maar klaarblijkelijk neemt onze partij het niet zo nauw met haar eigen statuten.

 

Kiezersbedrog

Conner Rousseau verklaarde als kandidaat tijdens de voorzittersverkiezing meermaals dat hij zich aan het cumulverbod zou houden en dat hij ontslag zou nemen als Vlaams parlementslid indien hij verkozen zou worden tot partijvoorzitter. De partijleden wisten dus wat zijn standpunt was en mogelijk heeft dit ook hun stemgedrag bepaald. Het past dan ook niet om meteen bij de aanvang van het voorzitterschap terug te komen op dit voornemen. Op deze belofte terugkomen via achterkamertjespolitiek past nog minder en al helemaal dubious wordt het om dit door een anonieme stemprocedure te laten bekrachtigen. Een cynicus zou zelfs kunnen spreken van verkiezingsfraude. Dit schaadt niet alleen de geloofwaardigheid van de nieuwe voorzitter, maar ook die van de gehele partij.

Het is de taak van de nieuwe voorzitter om de partij terug op de rails te zetten. Dat was ook de centrale boodschap van zijn intentieverklaring, de zogenaamde electroshock. We zijn van oordeel dat de voorzitter dan ook al zijn krachten en tijd moet besteden aan het intern reorganiseren van de partij. Een volwaardige invulling van een parlementair mandaat is daarmee niet te combineren. Bovendien bestaat de sp.a-fractie van het Vlaams Parlement slechts uit 13 leden. De partij heeft er alle belang bij dat de fractieleden zich voltijds voor hun mandaat kunnen inzetten.

Het opheffen van het cumulverbod zou als gevolg hebben dat één lid van de fractie – de voorzitter – zijn parlementair mandaat slechts zeer deeltijds zal kunnen invullen. De aanwezigheid van andere partijvoorzitters in het Vlaamse én federale parlement bevestigt dat ten overvloede. Meestal blijft hun aanwezigheid beperkt tot de stemmingen en nemen ze niet deel aan commissiewerkzaamheden. De sp.a kan het zich in de gegeven omstandigheden niet veroorloven dat een fractielid slechts zeer gedeeltelijk beschikbaar is voor het parlementaire werk. Zowel de partij als de fractie verdienen beter.

Het cumulverbod is er in de eerste plaats gekomen om ondemocratische machtsconcentratie tegen te gaan en de geloofwaardigheid van de partij te herstellen tegenover de rechtse retoriek dat het allemaal zakkenvullers zijn in de politiek. Het is er ook gekomen om meer mensen in de partij kansen te geven en zo een betere voeling te ontwikkelen met brede lagen van de bevolking. Bovendien draait het principe van de decumul om het feit dat parlementslid een fulltime bezigheid is: dat is niet te combineren met het leiden/redden van een partij. Het is dan ook een centrale eis in ons Roodboek.

De ironie is dat Conner Rousseau zelf een product is van dat cumulverbod. Ook in de toekomst moet de partij zich voortdurend kunnen vernieuwen en zoveel mogelijk talentvolle mensen de kans geven een mandaat namens de partij uit te oefenen.

Straffer nog, de kandidatuur zelf van Conner Rousseau is ook een product van dat cumulverbod. Onder andere Mohamed Ridouani, die door heel wat leden was aangezocht om zich kandidaat te stellen, verklaarde dat niet te willen doen, omdat hij dan ontslag zou moeten nemen als burgemeester van Leuven.

 

Uithollen van de decumul door de partijtop

Conner had zich al eerder laten ontvallen dat wie het na een discussie niet eens is met de partij buiten zou vliegen. Wij vroegen ons eerder al af of dat ook zou gelden voor de aanhoudende kritiek op het cumulverbod vanwege Hans Bonte of Mohamed Ridouani die hun ambities door de neus geboord zien. Indien er een uitzondering wordt toegestaan wordt het traject ingezet waarbij het cumulverbod verder zal uitgehold worden: Conner kan anderen moeilijk cumuls ontzeggen indien hij zelf cumuleert. Ligt daar de niet zo verborgen agenda van de fractieleden: de uitholling en nadien afschaffing van de decumul?

Ook gehoord als argument: de cumul is financieel de beste oplossing omdat de partij nauwelijks nog werkingsmiddelen heeft. Indien het echt zo slecht gesteld is met de partij dat ze omwille van besparingen 1 persoon 2 jobs moeten laten doen, dan was het daar toch verdacht stil rond tijdens de voorzittersverkiezingen. Volgens dat argument is een cumul altijd de enige optie geweest maar werd daarover gezwegen tegenover de leden.

De enige echte oplossing voor dat probleem: parlementsleden moeten meer afdragen van hun nog altijd zeer riante loon. Als de weinige parlementsleden die ons nog resten 20% zouden afdragen aan de partij in plaats van 10% kunnen er vier nieuwe medewerkers aangeworven worden, bijvoorbeeld bij die onderbemande social media dienst waar Conner mee uitpakte tijdens de voorzittersverkiezing. Bij Groen draagt men ook 20% af, waarom doen de socialisten slechter? Wij dagen de partijtop uit om klare wijn te schenken over het financiële plaatje: dit is wel zo eerlijk naar de mensen die lidgeld betalen en zich vrijwillig de voeten van hun lijf lopen voor de partij!

De decumul zelf kan wat ons betreft voorwerp van discussie blijven. Daarmee bedoelen we dan niet het vrijblijvend mekkeren van types als Hans Bonte of Mohamed Ridouani die hun ambities door de neus geboord zien door het cumulverbod. We bedoelen wel een diepgaand debat in het kader van de reorganisatie van de partij, toch een speerpunt van de campagne van onze nieuwe partijvoorzitter. Het is pas na dergelijk debat dat het cumulverbod opnieuw aan de beoordeling van het partijcongres kan worden voorgelegd.

 

Ni fokke met de statuten

De geloofwaardigheid van de nieuwe voorzitter komt al in gedrang en de hele vernieuwingsoperatie krijgt al een handicap nog voor ze begonnen is. Staat de S van Sp.a soms voor suïcidaal?

Ni fokke met de statuten, pas ze gewoon toe: wij roepen alle leden op dit aanhangig te maken in hun afdeling en alle afgevaardigden om de statuten te respecteren en nee te stemmen tegen deze uitzondering.

 

2 Comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s